VOEDSEL
DIER
PLANT
BLOEMEN / GROENE DETAILHANDEL
GROENE RUIMTE EN MILIEU
De loopbanen van cohort 2011 drie à vier jaar na afstuderen

Dit rapport heeft betrekking op het cohort mbo groen gediplomeerden van 2011. Hun intredeposities in 2012 en loopbaanposities in 2014 zijn in kaart gebracht, alsmede de loopbaanontwikkeling tussen deze momenten. Bovendien is het cohort vergeleken met twee voorgaande cohorten van 2009 en 2010.
 
De belangrijkste conclusies zijn als volgt puntsgewijs samengevat.
 
1.   De economische neergang van de afgelopen jaren laat zijn sporen na onder mbo groen gediplomeerden van de cohorten 2009, 2010 en 2011. De start van de loopbaan heeft plaatsgevonden in een periode van steeds verder oplopende werkloosheid. Bij alle cohorten ligt de werkloosheid ruim drie jaar na diplomering hoger ten opzichte van hun intredepositie twee jaar eerder. Daarnaast is het aandeel werkenden met een vaste aanstelling bij elk opvolgend cohort gedaald. Ook dat lijkt verband te houden met de recente economische neergang.
Een voorzichtig herstel van de arbeidsmarkt voor mbo groen gediplomeerden lijkt zichtbaar als wordt afgegaan op de iets lagere werkloosheid drieënhalf jaar na afstuderen in 2014 voor het cohort 2011 ten opzichte van het cohort 2010.
 
2.   Het werkgebied van de mbo groen gediplomeerden is voor het grootste deel verspreid over een vijftal sectoren. Het werkgebied van alle drie cohorten komt min of meer met elkaar overeen en verandert op geaggregeerd niveau nauwelijks in de eerste drie jaren na diplomering. Op individueel niveau gezien zijn de gediplomeerden echter niet bepaald honkvast. Een flink deel van de werkenden switcht in de eerste fase van de loopbaan van branche dan wel sector. Deze veranderingen zijn divers van aard en hebben voor de helft betrekking op een verplaatsing van een groen naar een niet-groen arbeidsdomein of vice versa. Er zijn geen aanwijzingen dat een bepaalde sector aan baanattractiviteit verliest onder werkende mbo’ers groen gedurende het begin van hun loopbaan.
 
3.   Het is niet eenduidig aan te geven of de aansluiting tussen mbo groen en de arbeidsmarkt drieënhalf jaar na afstuderen beter is geworden ten opzichte van de intredepositie. Aan de ene kant is de werkloosheid toegenomen, aan de andere kant is de horizontale en (met name) de verticale match verbeterd. Ervan uitgaande dat de toenemende werkloosheid vooral een gevolg is van de economische conjunctuur (de intredewerkloosheid van gediplomeerden van andere mbo-sectoren is ook toegenomen), dan vormen deze gegevens een sterke aanwijzing dat het groene mbo overall bezien in positieve zin bijdraagt aan het arbeidsmarktperspectief van haar gediplomeerden in een iets latere fase van de loopbaan. Met name voor gediplomeerden van niveau 1 is dit ‘handhaafperspectief’ sterk aanwezig, gezien de sterk verbeterde verticale match bij deze groep.
 
4.   Het ligt voor de hand dat het aandeel doorstudeerders mede afhangt van de baankansen op de arbeidsmarkt. Bij geringe baankansen zal een vervolgstudie vaker als een aantrekkelijke optie worden gezien. Tegen de verwachting in stijgt het aandeel doorstudeerders ondanks de economische crisis van de afgelopen jaren echter niet. Bij alle drie de cohorten volgt zowel anderhalf als drieënhalf jaar na diplomering een even groot deel een voltijd studie.
In onderzoek naar latere fases van de loopbaan wordt het effect van de vervolgstudie op de beroepsloopbaan van de mbo’ers groen centraal gesteld. De positie drieënhalf jaar na afstuderen is nog te vroeg om hier iets over te zeggen. Met name de doorstudeerders in het hbo zijn dan immers nog bezig met de vervolgstudie.
 
5.   De aansluiting van het vervolgonderwijs op het mbo groen blijft een punt van aandacht, gezien het behoorlijk aantal gediplomeerden van de onderzochte cohorten dat afgelopen jaren, zowel anderhalf als drieënhalf jaar na diplomering, hier niet tevreden over is. Zeker ook omdat studerenden in de latere fase van hun vervolgopleiding minder tevreden worden over de aansluiting met het mbo groen.
 
6.   De mbo groen gediplomeerden van de drie cohorten zijn over het algemeen tevreden over hun opleidingskeuze; het grootste deel zou achteraf opnieuw voor de opleiding kiezen. Desondanks is een groot deel van de werkenden van mening dat de mbo groen opleiding hen een betere basis voor de start op de arbeidsmarkt zou kunnen bieden. Twee jaar na de intrede is dat gevoel alleen maar sterker geworden.
Het ligt voor de hand dat een minder goede arbeidsmarktpositie van invloed is op de waardering van de opleiding door de mbo’ers groen. De separaat uitgebrachte trendbrochure maakt op basis van een lange tijdreeks aannemelijk dat dit verband bestaat. Bij een hogere werkloosheid hebben meer gediplomeerden achteraf spijt van de keuze voor de opleiding. Het cohort 2009 heeft het laagste werkloosheidpercentage tijdens de intrede en is het meest positief over de gemaakte opleidingskeuze. Van het cohort 2011 hebben vooral gediplomeerden van de opleidingsrichtingen ‘Dierverzorging algemeen’, ‘Dierenartsassistent’ en ‘Bloem, groene detailhandel en design’ vaker spijt van de keuze voor de opleiding.





 


Rapport: Intredeposities mbo'ers groen in 2014

Trendrapportage: 17 jaar zicht op mbo groen gediplomeerden

Groen in perspectief! Trendbrochure: mbo groen gediplomeerden door de jaren heen